De jaren vergaren het stof op m'n jas,
gestreken de zorgenrimpels toedekkend.
Ik vlei me bij jou,
ik speel met de tijd.
Je verliezen zou schreeuwen zijn,
je betekent de rust in mij.
Je spoor leidt me de dag uit,
zingend aan je hals
reikend naar dat nest
waar m'n kin in past.
De jaren vergaren het stof op m'n jas,
zodat je afdruk zichtbaar wordt.
Ik ken je verhaal,
ik heel nu de tijd.
Je vergeten zou zondig zijn,
je betekent de eeuwigheid.
Je druppelt de regen uit,
schuilt onder m'n balkon
je serenade weerklinkt
onder de weerkerende zon.
RV39
donderdag 5 juli 2012
donderdag 21 juni 2012
Verloren in vertrouwen
Je baadt in de azuren
z'n strelen, jouw kuren
het vergeten behang van je jeugd,
het druipt je ogen uit
Ik neem je bij de hand,
bewandel je hart
voed je sporen
Je schoonheid laat bekoren
Ik bewonder je, wonder
m'n bloed stroomt in jou
m'n zijn is m'n vermoeden
onder je vleugels te toeven
Genegen zijt gij
de vrucht der vrouwen
beschreven in een zucht
ben ik verloren in vertrouwen
RV39
z'n strelen, jouw kuren
het vergeten behang van je jeugd,
het druipt je ogen uit
Ik neem je bij de hand,
bewandel je hart
voed je sporen
Je schoonheid laat bekoren
Ik bewonder je, wonder
m'n bloed stroomt in jou
m'n zijn is m'n vermoeden
onder je vleugels te toeven
Genegen zijt gij
de vrucht der vrouwen
beschreven in een zucht
ben ik verloren in vertrouwen
RV39
maandag 11 juni 2012
Jou zijn
Het glooien van het liefdesvuur
laait je ogen op.
Hun waaiend branden
versmelt ons beider handen.
bij jou zijn
bij jou is zijn
Vergeef me deze schuld
de onschuld te verankeren.
Ik drink je als de dorst,
verzacht ons in geduld.
bij jou zijn
bij jou is zijn
De dag brengt meer van je,
bezorgt de hemel z'n kleur.
Ik breng je wat ik delven kan,
breng je de maans rozengeur.
bij jou zijn
is zijn
bij jou
RV39
vrijdag 20 april 2012
Dansen
Met gesloten ogen om je heen dansen.
Op een dag zonder morgen.
Ochtend.
De wind slaat m'n haren.
De geseling van de kater.
Negen levens opgeklopt tot een luchtkasteel.
M'n gedachten zijn conserven die niet bewaren.
Ik verhuil mezelf
met jouw tranen.
Verbleek in de zon.
Vertel zonder verhalen.
Je neemt me af wat ik niet bezit.
Geeft m'n slaap z'n dromen.
Je geeft m'n gebed z'n gezang.
geeft deze waas het hopen.
Uit m'n handendal kom je geslopen.
Strelend in je ontstaan.
Met gesloten ogen om je heen dansen.
Op een dag zonder morgen.
Je laat lachen, je glimmen blijft verborgen.
RV39
Op een dag zonder morgen.
Ochtend.
De wind slaat m'n haren.
De geseling van de kater.
Negen levens opgeklopt tot een luchtkasteel.
M'n gedachten zijn conserven die niet bewaren.
Ik verhuil mezelf
met jouw tranen.
Verbleek in de zon.
Vertel zonder verhalen.
Je neemt me af wat ik niet bezit.
Geeft m'n slaap z'n dromen.
Je geeft m'n gebed z'n gezang.
geeft deze waas het hopen.
Uit m'n handendal kom je geslopen.
Strelend in je ontstaan.
Met gesloten ogen om je heen dansen.
Op een dag zonder morgen.
Je laat lachen, je glimmen blijft verborgen.
RV39
maandag 16 april 2012
Gestrand
Je stem, verguld van je woorden
zong me naar je klippen.
In de branding liet ik ze kolken.
Hun tonen toonden me je wolken.
Eens gestrand blies ik m'n laatste adem.
Nooit zou ik nog van je zijde waden.
RV39
zong me naar je klippen.
In de branding liet ik ze kolken.
Hun tonen toonden me je wolken.
Eens gestrand blies ik m'n laatste adem.
Nooit zou ik nog van je zijde waden.
RV39
zondag 25 maart 2012
Verlangen.
Met m'n ogen openen zich de handen.
Bedelend naar de dag.
M'n bloed stroomt naar later.
De strijd terug in de nacht te belanden.
Het venster toont je vluchtende blik.
Je haren druipen van de ruit.
De wind waait je buiten z'n kader.
Je bent 's werelds kostbaarste bezit.
Ik draai de handen om,
zwaai je stappen na.
wroetend doorheen deze leegte,
ben ik het die telkens slapend ga.
RV39
Bedelend naar de dag.
M'n bloed stroomt naar later.
De strijd terug in de nacht te belanden.
Het venster toont je vluchtende blik.
Je haren druipen van de ruit.
De wind waait je buiten z'n kader.
Je bent 's werelds kostbaarste bezit.
Ik draai de handen om,
zwaai je stappen na.
wroetend doorheen deze leegte,
ben ik het die telkens slapend ga.
RV39
zondag 18 maart 2012
Verloren tijd
De jaren verslaan.
Kennis nemend van de onwetenden.
Wie voedt hen?
Wie laat hen verstaan?
Wat niet deert kent geen bestaan.
Verloren liggen is standvastigheid,
bekoren de eeuwigheid.
Ik durf niet langer te lezen
wat je ogen me schreven.
De tijd bevrijdt.
Je bent m'n verre reis,
de verf op m'n schilderij.
Je spreekt door wat ik schrijf.
Mooi zijn is je kunst,
een gunst die me verleidt.
RV39
Kennis nemend van de onwetenden.
Wie voedt hen?
Wie laat hen verstaan?
Wat niet deert kent geen bestaan.
Verloren liggen is standvastigheid,
bekoren de eeuwigheid.
Ik durf niet langer te lezen
wat je ogen me schreven.
De tijd bevrijdt.
Je bent m'n verre reis,
de verf op m'n schilderij.
Je spreekt door wat ik schrijf.
Mooi zijn is je kunst,
een gunst die me verleidt.
RV39
Abonneren op:
Posts (Atom)